.
Je hond kan zelf aangeven waar hij mee zit.

Je hond kan zelf aangeven waar hij mee zit.

Je hoeft alleen maar goed te kijken.
Dat leerde ik van de Alexa Capra, specialist in sociale communicatie bij honden aan de universiteit van Parma en professor aan de faculteit voor diergeneeskunde aan de universiteit van Pisa. Die liet ons beeld voor beeld situaties uit haar onderzoeken zien en heeft me daardoor geleerd waar ik op moet letten.

Wat vertelden ze nu eigenlijk?
De afgelopen jaren heb ik meerdere honden gezien die me vertelden dat ze een issue hadden met handen. Bijvoorbeeld door het vastpakken van mijn polsen als ik hun halsband wilde vastpakken om ze aan te lijnen. Vaak waren ze daarnaast ook nog eens behoorlijk lomp en hardhandig in hun omgang met mensen. Iets wat ik persoonlijk niet heel fijn vind als ik een hond op kom halen voor een wandeling. En ik kan me niet voorstellen dat dat voor de eigen mensen anders is.

Hardhandig gedrag afgekeken van mensen
Ik nam de signalen van de honden serieus, zoals Alexa Capra me geleerd had, en ging op zoek naar de boodschap. Het bleek dat deze honden allemaal gecorrigeerd waren door in hun nekvel gepakt te worden. Dit is een manier van omgaan met onze honden die vroeger heel gebruikelijk was en die helaas maar moeilijk de wereld uit te krijgen is. Doordat hun mens hardhandig met hen om was gegaan nam de hond dit gedrag over, omdat ze geleerd hadden dat dat normaal is in de omgang met anderen.
Tegenwoordig zie ik het soms al aan het gedrag bij de eerste kennismaking, maar het is niet altijd handig om het ook gelijk aan te kaarten. Dan bijt ik op mijn tong tot het tweede gesprek… en tot nu toe blijkt dan steeds dat zo’n hond inderdaad regelmatig in zijn nekvel is gegrepen.

Het nieuwe normaal kan op dezelfde manier aangeleerd worden
Het goede nieuws is: als baasje van zo’n hond kun je er heel makkelijk iets aan doen. Als je je gedrag als mens bij de hond aanpast, gaat de hond zijn gedrag ook aanpassen. De eerder genoemde honden zag ik allemaal rustiger worden in de omgang. Na verloop van tijd gingen ze ook voorzichtiger met mensen om. Dus als we zelf rustiger en voorzichtiger met onze hond omgaan, leren we hem dat dat het nieuwe normaal is.

Hond en baas voelen zich daar fijner bij. En dat allemaal door goed te kijken naar wat de hond zelf aangeeft – en doordat ik ooit mocht luisteren naar dat briljante seminar van Alexa Capra 😉

Wat doet die hond op de bank?

Wat doet die hond op de bank?

De baas spelen?
"Rob en ik straffen Max wel hoor als hij op de bank gaat liggen. Want we willen niet dat hij dominant wordt. Een hond die op de bank gaat liggen, die wil de baas over je zijn, toch? Dat kunnen we natuurlijk niet hebben met de kinderen. Al denk ik dat die het hem stiekem hebben aangeleerd. Want wij hebben hem nog nooit op de bank gelaten.", zegt Chantal
Op mijn vraag wat zijn plek is wijst ze naar een kleedje naast de bank. "Maar meestal ligt hij op het vloerkleed."

Of comfort zoeken?
Waarom gaan zoveel honden op de bank liggen terwijl ze dat nooit is aangeleerd? Een hond is een sociaal lerend dier. Honden leren door naar elkaar te kijken en door naar mensen te kijken. Ze zien ons steeds op de bank zitten. En vervolgens doen ze ons na. Eenmaal op de bank merken ze dat die bank heel fijn ligt. Wij houden van het comfort van een bank, maar die hond net zo goed. Het is dus niets anders dan ons nadoen en het zoeken van comfort.

Fijne ligplek
Dus je hond heeft de bank als fijne ligplek ontdekt. Dan zijn er een paar dingen die je kan doen.
Ten eerste is het nooit zinvol om boos te worden. Straffen zorgt ervoor dat je hond minder vertrouwen in je krijgt en dat is niet de bedoeling.
Als je hem liever niet op de bank hebt, kan je hem een heel fijn plekje voor zichzelf geven, zodat hij minder behoefte heeft aan het comfort van de bank. Door hem wat te kluiven aan te bieden op zijn kussen geef je hem een extra goed gevoel over zijn eigen plek.
Als je hem op de bank aantreft dan vertel je hem rustig, zonder stemverheffing eraf te gaan en wijs je hem het alternatief: zijn eigen fijne plekje.
Als je het niet erg vindt dat hij op de bank ligt kan je hem ook zeggen om van de bank af te gaan of om aan de kant te gaan als jij op jouw plekje op de bank wilt gaan zitten. Je kan hem ook leren om op een kleed te gaan liggen dat je op de bank legt. Vertel hem altijd wat het alternatief is als je hem van de bank af stuurt.

Wel zo gezellig
Een paar weken later kom ik weer bij Max. Hij heeft nu een heerlijk dik kussen naast de bank. Hij gaat al niet eens meer uit zichzelf op de bank. Zijn eigen plek is net zo fijn om te liggen. Als Rob avonds op de bank ligt komt er een kleed op de bank en mag Max erbij komen liggen. Want dat vinden ze wel zo gezellig nu ze weten dat Max niet de baas wil zijn in huis.

Wandelen zonder trekken. Wie trekt er eigenlijk?

Wandelen zonder trekken. Wie trekt er eigenlijk?

Een ruk aan de lijn
Ze ziet me aankomen rijden met de fiets. Het is een smalle weg en haar hondje loopt een stuk voor haar uit aan mijn kant van de weg.  Zodra ik dichterbij kom trekt ze het hondje met twee ferme zwiepen van de rollijn naar haar kant van de weg. Het dier is deze behandeling blijkbaar wel gewend want het dribbelt verder alsof er niets gebeurd is.

Het zet me wel even aan het denken. Toch bijzonder dat de focus er zo vaak op ligt dat onze hond niet mag trekken aan de lijn. Terwijl we zelf wel aan de lijn trekken om de hond ergens naartoe te krijgen waar we hem hebben willen.
Honden zijn sociaal lerende dieren. Ze kijken dus naar elkaar en naar ons en nemen zo dingen over. Dus als jij wilt dat jouw hond niet trekt, zorg er dan voor dat je zelf ook niet trekt aan de lijn. 

De lijn als begrenzing
Het fijnste werkt het om een lange lijn te gebruiken. De lange lijn is een riem van ongeveer 3 tot 5 meter, geen uitrollijn en van gewoon materiaal zoals nylon, touw of biothane en een handvat. De haak waarmee de riem aan de hond wordt bevestigd is niet al te groot om te voorkomen dat de hond er hinder van ondervindt.
Hoe lang de lijn precies moet zijn, is afhankelijk van de omgeving waar je loopt en je eigen handigheid met de lijn. In een rustigere omgeving is een lijn van 5 meter heel geschikt. In een drukke omgeving zal een lijn van 3 meter prettig werken, omdat je anders al snel de lijn in moet korten vanwege het verkeer.
Je gebruikt bij voorkeur een normale lange lijn en geen rollijn, omdat je met een rollijn zelf altijd spanning op de lijn zet en je hond niet ontspannen leert lopen. Bovendien kunnen jij en je hond of anderen zich makkelijk aan de rollijn bezeren, omdat het koord of touw dun is.
De lange lijn gebruik je enkel ter begrenzing. Niet om je hond ergens te krijgen waar je hem hebben wilt. Het mooiste is als je doet alsof je hond los loopt. Als je iets van je hond gedaan wilt krijgen dan vertel je hem dat met je stem en lichaamstaal.

Het passeren van fietsers
Stel je ziet in de verte een fietser aankomen. Dan vraag je je hond om bij je te komen en je neemt de lijn in tot een geschikte lengte voor als de fietser passeert. Dat doe je dus bij voorbaat al en niet als de fietser bijna bij je is. Komen er vaak fietsers langs? Dan laat je de lijn minder ver vieren, zodat je hond steeds op een veilige afstand van de fietsers is. 

Veilig langs paarden
Een ander voorbeeld: Je komt straks langs de kinderboerderij met pony’s. Nog voor je er bent vraag je je hond weer om bij je te komen en neem je de lijn op een zodanige lengte dat je hond begrensd wordt op een meter of 5 van de pony’s. Je doet dit door je hond bij je te vragen en terwijl hij naar je toe loopt de lijn in te korten.
Je laat je dus niet eerst door je hond richting de pony’s trekken om hem vervolgens met de lijn er vandaan te trekken. Zorg ervoor dat je je hond steeds begrenst, en houd de afstand tussen je hond en de pony’s op minimaal 5 meter. 

En al het andere wat leeft en beweegt
Op deze manier kan je alles wat leeft en wat beweegt passeren. Denk hierbij aan: kinderen, fietsers, hardlopers, skaters, paarden, schapen, poezen en andere honden.
Bij al deze voorbeelden gebruik je de lijn als begrenzing en houdt je een veilige afstand. Dus óók bij het passeren van andere honden. Op deze manier zorg je ervoor dat je hond veiligheid en voorspelbaarheid ervaart tijdens het wandelen. Dan kan ik op de fiets passeren, zonder dat je hond daarvoor een ruk aan zijn lijn hoeft te krijgen 😉

Een bijtende pup en kinderen

Een bijtende pup en kinderen

Puppygedrag of dominant gedrag?
"Dit agressieve gedrag moet echt ophouden. Anders kan hij niet blijven.” Jens zit voor me en wringt zijn handen. “We namen een hond omdat het ons leuk leek voor de kinderen. Maar nu hij hen en ons steeds bijt vinden ze het helemaal niet leuk maar eng. Ik dacht in het begin nog dat het speels gedrag was van onze Max dat wel af te leren zou zijn. Maar in plaats daarvan, is het alleen maar erger geworden! We kunnen hem niet aan. Ik ben bang dat de pup die de fokker voor ons uitgezocht achteraf gezien toch te dominant is voor ons gezin.”

Bijtgedrag bij pups is normaal
Ik had echt met Jens te doen. En gelukkig kon ik hem al snel geruststellen: pups vertonen bijtgedrag. Dit hoort bij de normale ontwikkeling van elke pup. Je ziet soortgelijk gedrag ook bij mensenbaby's. Die stoppen ook alles in hun mond om het te onderzoeken. En later als de tanden komen is het fijn om ergens op te kunnen bijten of kauwen. Ik zie dit nu ook bij mijn eigen zoontje: 11 maanden en hij knauwt en sabbelt op alles. Het heeft absoluut niets te maken met dominantie of de baas willen spelen. Wel met het ontdekken van de wereld en willen spelen. Soms gaat de pup harder bijten doordat hij te opgewonden wordt of moe wordt. Wat het voor mensen vervelend maakt is dat pups tanden hebben, die nog eens razend scherp zijn bovendien. Dat maakt het bijten heel pijnlijk voor ons. Wij kunnen er minder goed tegen dan hun eigen soortgenoten. Onze kinderen zijn er met hun dunne huid nog gevoeliger voor.

Als je de strijd aangaat, kan het bijten erger worden
Toch is het een vergissing om een pup het bijten zo snel mogelijk af te willen leren. Je onderdrukt daarmee het natuurlijke gedrag van je pup. Je gaat dan in conflict met hem en dit geeft je pup een negatief gevoel in de interactie met mensen. De kans is groot dat het bijten erger wordt wordt en dat deze fase langer duurt. Het zogenaamde puppybijten gaat vanzelf over als je er op constructieve manier mee omgaat.

Leer je pup om zachtjes te doen met zijn tanden
Die constructieve manier legde ik aan Jens uit. Als je bijvoorbeeld aan het spelen bent en je pup bijt je te hard, dan bevries je het spel even. Je zegt tegen je pup "Au, niet zo hard." Vervolgens speel je iets rustiger verder met hem. Als hij nog een keer te hard bijt zeg je nog een keer "Au, niet zo hard." En stop je het spel door rustig bij hem weg te lopen.
Als hij vervolgens door blijft gaan met hard bijten kan je ervan uitgaan dat hij te moe of te overprikkeld is geraakt om op jouw communicatie te reageren. Je begeleidt hem dan vriendelijk naar zijn slaapplaats zodat hij kan uitrusten.

Je kinderen en de pup hebben je bescherming nodig
Als volwassene moet je zowel het kind als een puppy beschermen tegen gevaar. Hoe jonger je kinderen zijn, hoe meer ze je bescherming en hulp nodig hebben in de omgang met de pup. Leer je kind dat als het kan vertrouwen op jouw hulp als het zich bedreigd voelt door jullie pup. Help dan je kind en de pup door de pup op een vriendelijke manier naar zijn slaapplaats te begeleiden.

Iets oudere kinderen kunnen meehelpen
Kinderen vanaf een jaar of 6 kan je leren om tegen de pup hun gevoelens te uiten als ze in het spel gebeten worden. Door bijvoorbeeld te zeggen “Au, dat doet pijn.” of Au, stop met bijten” en dan vervolgens teleurgesteld reageren en weglopen. Op deze manier leert de pup wat de grenzen van de kinderen zijn, en hij leert daar rekening mee te houden. Natuurlijk moet je als volwassene wel in de buurt zijn om in te grijpen geval de situatie uit de hand loopt. Je helpt je kind altijd als het daarom vraagt. Je geeft het goede voorbeeld aan zowel je kind als je pup door op een vriendelijke manier in te grijpen en jullie pup naar zijn eigen veilige plaats te brengen.

Max was niet dominant maar vermoeid
Met Jens keek ik naar Max’ gedrag. En inderdaad: het ging gewoon over puppybijten. Het hondje ging vaak over zijn eigen grenzen heen, en door vermoeidheid en overprikkeling was hij vaker en harder gaan bijten.
Jens ging enorm opgelucht naar huis. Hij besprak het met het gezin en ze zorgen nu dat Max voldoende rust krijgt. Nu ze weten dat het bijten bij het normale puppygedrag hoort, gaan ze het conflict niet meer aan met Max en is het gelijk een stuk gezelliger in huis.